Weken
0
-7
Dagen
0
-6
Uren
-1
0
Minuten
-1
-5
Seconden
0
0

Verslag: bezoek Universitair Ziekenhuis U.Z.

 Op dinsdag 10 november bezochten we het U.Z.

We kregen uitleg over het brandwondencentrum door de hoofdverpleegkundige.

Het brandwondencentrum bevindt zich op: P8, eerste verdieping en is bereikbaar op het nummer: tel 09 332 34 90.

Het werd opgericht in 1985 en telt 6 bedden voor intensieve zorgen.

Patiënten op het brandwondencentrum worden behandeld door een multidisciplinair team van medici en paramedici:

Plastische chirurgen

Anesthesisten

Pediaters

Fysiotherapeuten

Psychiaters

Consulenten

De paramedici kunnen zijn:

Verpleegkundigen

Psychologen

Kinesitherapeuten

Ergotherapeuten

Sociaal verpleegkundige

Diëtiste

We kregen uitgebreide uitleg over de soorten brandwonden en de oorzaken. Aan de hand van beelden konden we de behandeling van de wonden volgen. Bij brandwonden geldt algemeen:

 

Eerst water, de rest komt later!

Lauw water op de brandwonde gedurende de eerste 20 minuten zorgt ervoor dat de wonde minder diep wordt, en dat er dus ook minder littekenweefsel kan gevormd worden, het is bovendien pijnstillend. Daarna kan er een vetverband, plastiekfolie of handdoek rond de wonde geplaatst worden voor men naar het ziekenhuis gaat.

Wat leerden we nog?

De dieptegraad van een brandwonde is afhankelijk van:

  • temperatuur van het agens (= de stof die brandwonden veroorzaakt)
  • duur van de blootstelling
  • leeftijd: bejaarden en kinderen hebben een dunnere huid
  • lokalisatie op het lichaam: de huid is dikker t. h. v. handpalm, voetzool en de rug, met op die plaatsen vaak minder diepe verbranding.

Sinds meer dan 30 jaar wordt de klassieke indeling in 3 graden vooropgesteld.

Tegenwoordig spreekt men ook van oppervlakkig (“superficial”or “partial thickness”) of diep (“full thickness”); de eerste genezen spontaan, de tweede vereist chirurgische behandeling.

Er zijn eerstegraads, tweedegraads en derdegraads brandwonden afhankelijk van de diepte en de ernst van verbranding.

Eerstegraads brandwonde: alleen beschadiging van het epiderm (opperhuid); hevige pijn, geen blaren.

Tweedegraads brandwonde: zijn altijd pijnlijk en typerend is de aanwezigheid van blaren.

Derdegraads brandwonde: zijn pijnloos door vernietiging van de zenuwuiteinden.

Ook de nazorg is belangrijk. Door thuisverpleging, het goed hydrateren van de huid en het dragen van drukkleding kan men littekens voorkomen.

In het centrum heeft men ook mogelijkheid om littekens te laten behandelen en is er ook psychologische bijstand. Men kan geholpen worden bij de re-integratie in de maatschappij en men kan in contact komen met lotgenoten.

Besluit: het was interessant want de uitleg over het brandwondencentrum sloot heel goed aan bij de lessen Gezondheid over het ziekenhuis en wonden.

 

4 Verzorging